Belastingaangifte (21-1-2007)
Ik ben bedreigd. Per post. Niet met een poeder- of kogelbrief, maar met een grote advertentie op de achterkant van mijn Vrij Nederland. Belastingaangifte 2005, staat er in een vriendelijk handschrift. En daaronder, in nijdige hanepoten: FREELANCERS en mensen met BIJVERDIENSTEN worden extra STRENG gecontroleerd!!! Bovenin de advertentie staat een geel gezichtje dat me heel kwaad aankijkt. Alle freelancers zijn oplichters, dus jij ook, Polderman!, lijkt hij te lispelen. En ook: We zullen alles doen om je met een levenslange belastingschuld op te zadelen! Ik word er zenuwachtig van. Ik wil geen belastingschuld, en zeker geen levenslange. Op het belastingkantoor zitten ze vast met een feestelijke voorpret op mijn aangifte te wachten. Er is een interne mail rondgestuurd: Let op die Polderman! Dat wordt lachen. Die is pas een jaar professioneel artiest! Die snapt vast niets van al onze aftrekposten en uitzonderingsregeltjes en nog minder van haar eigen administratie. En wat het erge is: het klopt nog ook. Ik heb een stapel papieren waarvan ik vermoed dat het jaarstaten zijn en een doos vol bonnetjes die ik als beroepskosten dacht te kunnen aftrekken. Met al die papieren en bonnetjes had ik zo'n beetje mijn belastingaangifte in elkaar gedraaid. Ik dacht dat ik er bijna klaar mee was. Maar nu gaan ze extra streng controleren. Dus zal ik mezelf ook extra streng moeten controleren. Het grootste probleem zijn de bonnetjes van mijn zomerkantoor: het terras van mijn stamkroeg. Ze zien er allemaal ongeveer hetzelfde uit. Ze beginnen keurig: drie koffie verkeerd en een tosti. Met andere woorden: Polderman was van plan een meesterlijk lied te schrijven op het terras van haar stamkroeg. Maar tussen die tosti en het totaalbedrag van € 87,50 gebeurt er iets vreemds. Vierentwintig bier en twee bittergarnituurtjes. Oftewel: vriendlief was klaar met zijn werk en kwam mij gezellig helpen met mijn werk. Vaak levert dat een tas vol bierviltjes op waar dingen op staan als Laatste uithaal en rook uit mijn oren of Goochelen en haar in de fik." Met andere woorden: ik heb dus wel degelijk doorgewerkt tijdens het bier drinken. Sterker nog: de beste ideeën ontstaan tijdens het bier drinken. Nog sterker: alle grote liedtekstschrijvers drinken of dronken veel. Maar zou de belastingdienst dat begrijpen? Weten ze dat ik met elk kroegbezoek in feite investeer in mijn kwaliteit als schrijfster? Ik zal toch nog eens heel kritisch naar al die bonnen moeten kijken. Misschien streep ik de tosti's en koffie verkeerd toch maar door. En dan hoop ik dat het allemaal klopt. En belastingdienst, mocht u me toch op willen pakken voor fraude: u weet waar ik zit. In mijn lentekantoor. Dat is hetzelfde adres als mijn zomerkantoor. Ik zeg het maar eerlijk.
Trouw, 11 maart 2006